Steun ons en help Nederland vooruit

maandag 12 oktober 2009

Groen mag niet ondergeschikt zijn aan rood: RTG Groenstructuurplan 8 september 2008

Groen mag niet ondergeschikt zijn aan rood: RTG Groenstructuurplan 8 september 2008
PDF 
| Print |
 E-mail

dinsdag, 09 september 2008

In Haren-Noord worden binnenkort honderden huizen gebouwd, in het zogenaamde Dilgt-Hemmen-Essen (DHE) gebied. Om de landschappelijke waarden in het gebied veilig te stellen heeft het college een Groenstructuurplan (GSP)opgesteld, conform de eis van de gemeenteraad. De historische en/of de huidige groenstructuren moeten de kaders stellen aan de bouwmogelijkheden. Alvorens dit Groenstructuurplan in de raad te bespreken en besluiten te nemen, willen de raadsfracties graag van betrokken instanties, belangenorganisaties en burgers horen hoe die het Groenstructuurplan waarderen. Vanwege de grote belangstelling (zo’n zestig mensen) staat de ronde tafel vanavond in het Mercure hotel.
Een verslag.

 

Het Comité regio Groningen-Haren is vanaf het begin intensief betrokken bij de plannen om in Haren-Noord te bouwen. Het Comité heeft ook een eigen visie op het gebied ontwikkeld. Namens het Comité voert de heer Vegter het woord. Hij spreekt waardering uit voor de plannen. Het is heel mooi dat de gemeente Haren het uitgangspunt heeft de landschappelijke waarden te behouden en te versterken. Maar Vegter heeft ook verscheidene kritische kanttekeningen. Niet alle kansen worden benut. En op een aantal plaatsen wordt groenstructuur weggehaald om stedenbouwkundige redenen. In het GSP staat dan dat de keuze is gemaakt voor de uitgangspunten van het stedenbouwkundig plan. Maar die uitgangspunten worden niet verwoord. De argumenten worden er niet bij geleverd. Vegter zegt best te begrijpen dat ‘groen’ en ‘rood’ hier en daar knelpunten oplevert. Maar motiveer de keuze voor ‘rood’ dan goed, wees transparant en duidelijk. Dan kan er op basis van argumenten gediscussieerd worden.
Veel goede plannen blijven vaag in het GSP, stelt Vegter. Het Comité ziet graag ‘boter bij de vis’: concreet aangeven hoe de realisatie plaatsvindt en hoe het betaald wordt.
Er is verschil tussen het ‘binnengebied’ (daar waar gebouwd gaat worden) en het ‘buitengebied’. In het binnengebied wordt nogal het een en ander gekapt en dat zal deels in het buitengebied gecompenseerd worden. Ook daar: graag boter bij de vis, want als die compensatie om financiële of andere reden uitblijft, is er wel veel groen verdwenen. Ten aanzien van het weghalen van groen op specifieke plaatsen (bv randen voormalig AZC-terrein) heeft Vegter bedenkingen.
Met het oog op klimaatverandering is het belangrijk om duidelijker aan te geven hoe er met water wordt omgegaan in het gebied, zegt Vegter. Voor het Comité is de functie die een bepaald gebied heeft richtinggevend. Zo zou ten zuiden van Essen vernatting gunstig zijn voor de weidevogels, maar waarschijnlijk ongewenst voor agrarisch handelen.
Het opheffen van het fietspad langs de Kerklaan moet ernstig worden heroverwogen in het kader van verkeersveiligheid. En het zou fijn zijn als het GSP ook wordt gehanteerd als kader bij de bouw van bijvoorbeeld een tennishal of in het Stationsgebied, aldus Vegter.

Ook de vereniging voor natuur- en milieueducatie IVN is voortdurend zeer betrokken bij de plannen en heeft in grote lijnen waardering voor het GSP. Maar er zijn eveneens zorgen en kritiekpunten.
De heer Flentge mist in de het GSP de uitwerking van het Harense waterplan. Er zal 5000 m3 water moeten worden geborgen: waar laat je die? Flentge maakt er bezwaar tegen dat in het GSP wordt gesteld dat de toekomst van de Hortus onzeker is. En de Laarmantuin is een driedelige tuin en geen ‘bosje’.
De heer Duijm vindt dat de geplande wandelpaden aan de westkant ernstige verstoring zullen geven, met name door de gewoonte van hondenbezitters hun viervoeters ongelijnd te laten rennen.
Het voorgestelde doorzicht naar het Paterswoldsemeer kan beter op een andere plaats, meent Duijm. Hij wijst er op dat er, omwille van dat doorzicht, heel wat meer bosjes, heggen en ander groen gekapt zullen moeten worden dan die in de plannen getekend zijn.
Het IVN vindt dat agrarische activiteiten volledige prioriteit moeten hebben en houden. Met ingrepen in agrarisch gebied dient men heel terughoudend te zijn.

De heer Hemmen, agrariër aan de westkant van het gebied, dacht met zijn bedrijf in rustiger vaarwater te zijn gekomen, maar ontdekte tot zijn schrik zeker 40 punten in het GSP, waar hij mee te maken krijgt. In het verleden is hem door een wethouder toegezegd dat er nooit wandelpaden zullen komen en nu loopt er een wandelpad dwars over een huiskavel! Er worden houtwallen toegevoegd en huize Hemmen moet zichtbaar worden gemaakt. De gemeente zou er eerst voor kunnen zorgen dat huize Warmolts zichtbaar wordt, voordat het huis van de buurman aan de beurt komt. Er zijn poelen ingetekend, die volgens Hemmen overigens zo hoog liggen dat er wel nooit water in zal staan. Alles bij elkaar lijkt het GSP een en al beperkingen voor zijn bedrijfsvoering in te houden. Daar zal Hemmen niet aan meewerken. Het gebied is nu helemaal groen, groener kan niet, zegt Hemmen. Wandelpaden brengen ernstige verstoring, meer bomen en houtwallen nemen ruimte en vocht weg en vormen een belemmering voor landbouwwerktuigen. Houtwallen zijn mooi, maar om nu deze zaken, die er 200 jaar geleden lagen, kunstmatig terug te brengen, gaat Hemmen te ver. Als de gemeente de boeren wil houden, moeten die ook de kans hebben hun bedrijf behoorlijk uit te oefenen. Laat de boeren dan hun gang gaan en belemmer ze niet.
Heel jammer vindt Hemmen het te moeten constateren dat de boerenbedrijven aan de westkant worden gebruikt om het verloren groen door bouwactiviteiten aan de oostkant te compenseren. Doe dat in het gebied zelf, de westkant is landbouwgebied.
Wel een goede zaak is het doorzicht maken naar het Paterswoldsemeer, meent Hemmen. Maar dat kan beter ter hoogte van de Botanicuslaan en Huize De Wolf.

Kweker Bolhuis heeft zijn bedrijf in de Esserpolder. Hij vreest bewuste vernatting. Het gebied is al nat, nog meer vocht zal hem in zijn bedrijfsvoering ernstig belemmeren; de grond zal dan zeer moeilijk te bewerken zijn.

De heer Van der Werf heeft bezwaar tegen het weghalen van groenstructuur aan de oostkant en compenseren aan de westkant. Met name de houtwallen aan de Kerklaan wil hij behouden, ook vanwege de vernatting die optreedt als je een houtwal weghaalt. Ook de vele fietsers die langs de Kerklaan komen, waarderen de houtwallen zeer. Verder heeft hij bezwaar tegen de argumentatie: zichtverbetering (zicht op woonwijk) door het weghalen van houtwallen. Eikenbomen worden niet mooier als je een houtwal weghaalt. Houtwallen dienen gekoesterd te worden en niet elders gecompenseerd.

Ook de toehoorders krijgen kort de gelegenheid te reageren. Vooral de verkeersmaatregelen Oosterweg-Kerklaan lijken velen hoog te zitten. “Het lijkt wel een verkeerscirculatieplan” zegt een meneer. En het fietspad langs de Kerklaan moet blijven. Een tennishal bouwen langs de Bolhuissteeg zou vreselijk zijn. En een bosje kappen aan het eind van de Kerklaan, op de T-kruising, om meer zicht te krijgen, zal resulteren in het zichtbaar maken van een lelijk elektriciteitshuisje. Bosjes en heggen verwijderen om het Paterswoldsemeer zichtbaar te maken, zal iets duidelijk maken: niet het groen is er de oorzaak van dat het meer niet meer te zien is vanaf de Rijksstraatweg, maar de A28!
Eenduidig lijkt de mening: groen mag niet ondergeschikt worden gemaakt aan rood.

Tenslotte krijgt veehouder Bolhuis het woord. Hij heeft een bedrijf aan de Essen en wil graag iets terugdoen voor de gemeenschap. Om het zicht te benemen op het rijden met containers naar de vuilverwerker Vagron, door de Groningse buren, wil Bolhuis een houtwal aanleggen aan de noordzijde van Essen. Hij biedt de houtwal en de nodige grond aan. En mocht het huidige gemeentehuis tegen de vlakte gaan, dan verzoekt Bolhuis om de stenen, die rondom het gemeentehuis liggen, terug te brengen naar Essen: daar komen ze vandaan en met deze originele stenen zal de zandweg weer in oude glorie hersteld kunnen worden: met keienbestrating.

Aan alle insprekers wordt gevraagd hun kritiekpunten op het GSP en hun wensen op papier te zetten, liefst met prioritering. Een en ander graag vóór 15 september inleveren bij de griffier Paula Lambeck.

Wil Legemaat