Steun ons en help Nederland vooruit

dinsdag 13 oktober 2009

Woonzorgboulevard en gemaksdiensten: RTG over Wonen met Zorg, 22 september 2009

Woonzorgboulevard en gemaksdiensten: RTG over Wonen met Zorg, 22 september 2009
PDF 
| Print |
 E-mail

De gemeente Haren gaat prestatieveld 10 van de WMO vormgeven. Wonen met zorg. In een vroeg stadium zijn verscheidene belanghebbenden, organisaties en deskundigen uitgenodigd om raadsleden te informeren over hun wensen en inzichten. De aanzet tot het gemeentebeleid is verwoord in een notitie. In oktober zal er weer met allerlei organisaties gesproken worden en het geformuleerde beleid zal daarna aan de WMO-adviesraad voorgelegd worden. Daarna zal het de gemeenteraad worden voorgelegd.
Vanavond RTG, waarin raadsleden met belanghebbenden van gedachten wisselen. Twee uur lang wordt er gesproken over de richting die de gemeente zou kunnen of moeten inslaan met de (huur)woningbouw voor de oudere medemens die zorg nodig heeft. Differentiatie, flexibiliteit, maatwerk, technologie en woonzorgzones zijn sleutelwoorden. Er wordt aan de ronde tafel dan ook gedifferentieerd gedacht. Woonwensen komen niet per se overeen met de woonbehoefte. Wat er gebouwd gaat worden is op den duur bestemd voor de nieuwe generatie senioren: mondige babyboomers, die vertrouwd zijn met moderne technologie.
Een samenvatting.

Duidelijk is dat alle aanwezigen van mening zijn dat ouderen, als zij dat willen, zo lang mogelijk thuis moeten kunnen wonen, dat zij keuzevrijheid dienen te hebben en dat welzijn een belangrijke component is.
Namens de ouderenbonden ANBO en PCOB (samen 2000 leden) zijn Henk Werners en Jaap Niewold aanwezig. Zij pleiten voor een woon-zorgboulevard, zoals te vinden in Eelde en Peize. Daar kunnen ouderen zo lang mogelijk zelfstandig wonen, vlakbij winkels en onder de vleugels van een zorgvoorziening waar zij een beroep op kunnen doen. Natuurlijk willen de meeste mensen het liefst tot de laatste dag thuis wonen, maar de praktijk wijst uit dat dat niet altijd kan. Kon het wel, dan waren er geen nieuwe woningen nodig. En die zijn juist hard nodig. Er zal gebouwd moeten worden
P.P. Taverne, lid van de WMO-adviesraad, sluit bij de ouderenbonden aan. Hij noemt het liever Wonen én Zorg, want wonen heeft een grote bandbreedte aan keuzemogelijkheden, maar zorg is genormeerd met regels en indicaties. Hij ziet een woonzorgzone als een kern met ringen: in de kern de zorgvoorzieningen, in de buitenste ring gewone huizen met bewoners die nog geen zorg nodig hebben.
Wijnand Rigter (Westerholm) geeft aan dat Westerholm in de buurt al een woonzorgzone heeft gecreëerd. Omwonenden kunnen een beroep doen op de voorzieningen. De wachtlijst van 500 huishoudens geeft aan dat er desalniettemin veel behoefte is aan intramurale zorg.
Gert van der Kooi (Woonborg) pleit voor bouwen met moderne technologie. Woonborg houdt een pilotonderzoek met zogenaamde dwaaltechnologie: gaat een oudere ’s nachts dwalen, dan worden automatisch de buren gewaarschuwd. En levensbestendig bouwen is een must.
Heleen Vrijhof, (provincie Groningen, Wonen, Welzijn en Zorg) benadrukt de aandacht voor welzijn. Daar is winst te boeken, zeker met moderne technologie. Het gaat niet alleen om zorg, maar ook om sociaal contact.
Fred Landwaart (Torion) zegt dat vrijwilligers onontbeerlijk zijn. De meeste vrijwilligers zijn wat ouder, jongeren hebben meestal een druk leven met werk en soms eigen mantelzorg. Naarmate de mensen langer gaan doorwerken, zal het niet gemakkelijker worden voldoende vrijwilligers te mobiliseren. Hij pleit voor onafhankelijke ouderenadviseurs, die de ouderen goed kunnen adviseren bij hun keuzes.
Maar dan moet er wel wat te kiezen zijn. En daar gaat het vanavond over. Hoe en waar moet er voor de senioren gebouwd worden? Woonzorgzones/complexen/boulevards rond winkels en zorgvoorzieningen? Vrijhof noemt het liever een woonservicegebied.
Willen ouderen wel in woonzorgcomplexen, willen ze niet juist kleinschaliger en gedecentraliseerd, wil Bernard Prenger (VVD) weten.
Er wordt al jaren over wonen met zorg gesproken, zegt Theo Sieling (PvdA), maar er is nog weinig gerealiseerd. Moeten we nu niet vast vijf, zes jaar vooruit kijken?
Dieta Praamstra (CU) wil weten hoe jongere vrijwilligers bereikt kunnen worden en zij wil ook aandacht voor jongeren met beperkingen, die ook tot de doelgroep behoren. Vrijhof ondersteunt dit en zegt dat er juist op dat terrein veel kansen liggen.
Hoe krijgen we het voor elkaar de mensen keuzevrijheid te geven, vraagt René Valkema (CDA).
Jacqueline van Duinen (GL) wil weten hoe te zorgen voor een gedifferentieerd aanbod en wat kan de gemeente doen? Hoe krijg je samenwerking tussen alle verschillende geldstromen en belangen?
Hoe moet het met de bewoners van de buitendorpen, waar geen verzorgingshuizen en geen winkels zijn? Hebben die wel dezelfde keuzevrijheid als de inwoners van Haren, vraagt Wil Legemaat (D66).
Dat is Werners en Niewold uit het hart gegrepen: de buitendorpen mogen niet vergeten worden. Niewold roept op het project Glimmend Hart te steunen.
Wethouder Jeroen Niezen zou wel een antwoord willen op de vraag of moet worden ingezet op woon-zorgcomplexen of juist op kleinschalige eenheden, die ook in de buitendorpen gerealiseerd kunnen worden.
Er is elders wel onderzoek naar gedaan, maar op kleine schaal kan 24-uurs hulp niet uit, weet Taverne.
Vrijhof vindt dat niet te gauw geconcludeerd moet worden dat een kleine schaal een belemmering is. Met inzet van moderne technologie is er veel mogelijk in kleine kernen. Samenwerking tussen zorgaanbieders kan een heleboel opleveren.
Taverne en Landwaart zeggen de ervaring te hebben dat de bewoners van de buitendorpen helemaal niet zo zitten te wachten op voorzieningen in hun dorp. Zij zijn gewend voor alles naar Haren te moeten. Misschien moet er ook eens andersom geredeneerd worden, bedenkt Landwaart: een voorziening in bijvoorbeeld Onnen realiseren en daar de mensen uit Haren naar toe laten gaan. Hij brengt ook de gemaksdiensten onder de aandacht: boodschappendienst, tuinonderhoud, tafeltje-dek-je.
Alle aanwezigen benadrukken hun wil en wens tot vergaande samenwerking.
Van der Kooi vindt dat de woonzorgzones vooral in Haren gerealiseerd moeten worden. In de buitendorpen zouden de 75-plussers elk jaar bezocht kunnen worden, waarbij problemen en behoefte gesignaleerd kunnen worden en naar een oplossing op maat gezocht kan worden.
Maar wie gaat die visites betalen, wil Landwaart weten.
Van der Kooi zegt dat Woonborg zelf ook ouderenadviseurs heeft en daar best een rol in wil spelen.
De inzet van vrijwilligers komt aan de orde. Legemaat noemt de Burenhulpcentrale, die een rol zou kunnen spelen. Domotica wordt genoemd door Niewold: technologie waarmee van alles in de woning bediend kan worden: de gordijnen, ramen, verwarming, keukenapparatuur enz.
Mantelzorgwoningen (verbouwen of bij bouwen voor hulpbehoevende ouders) zijn nog niet aangevraagd in de gemeente Haren, antwoorden de wethouders Niezen en Toxopeus op een vraag van Taverne. Misschien moet daar wel over nagedacht worden.
De gemeente wordt geacht de regie te voeren, maar hoe krijgt de gemeente grip op zorgaanbieders en andere instanties, wil Toxopeus weten.
In gesprek blijven, zegt Rigter. Horen wat de visie is van de zorgaanbieders. En in samenspraak een langere termijnvisie ontwikkelen, ook voor de leefbaarheid in de kleine kernen.

Wil Legemaat