Steun ons en help Nederland vooruit

vrijdag 6 november 2009

De ‘Kuub-methode’: meedenken, meebeslissen, meedoen (m3)

<?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /> 

 

Hoe geef je burgers echt invloed op hun eigen leefomgeving? Hoe breng je de politiek dichter bij de burger? D66 Haren introduceert de ‘Kuub-methode’: meedenken, meebeslissen, meedoen (m3). Deze methode is getoetst aan de ervaringen van Plaatselijk Belang Glimmen, Dorpsbelangen Onnen, Dorpsbelangen Noordlaren en Buurtvereniging Ons Belang uit Oosterhaar, en daarna verfijnd.

 

Behoefte aan spelregels

Kritiek op de overheid is van alle tijden. Elke burger kent wel een project waarbij vraagtekens gezet kunnen worden bij de rol van de gemeente. Een mogelijke reactie is afgeven op de gemeente, zeggen dat ze niet luisteren of zelfs niet deugen. Een geheel andere reactie is het bedenken van een alternatief. D66 Haren koos voor het laatste en ging hierover het gesprek aan met Plaatselijk Belang Glimmen, Dorpsbelangen Onnen, Dorpsbelangen Noordlaren en Buurtvereniging Ons Belang uit Oosterhaar.

“Er is vaak helemaal geen sprake van onwil bij de gemeente”, aldus Herman Velvis, voorzitter van Buurtvereniging Ons Belang. “Zolang we maar een gezamenlijk doel hebben.” Herman Bakker, voorzitter van Plaatselijk Belang Glimmen, herkent dit: “Als ambtenaren zich verschuilen achter allerlei procedures, dan bestaat niet het gevoel dat we hetzelfde doel voor ogen hebben. Ook moet een gemeente aanvoelen wanneer ze vooral afstand moet houden en wanneer ze nabij moet zijn. De rol van faciliterende coach.” “Essentieel is ook dat vanaf het begin de randvoorwaarden duidelijk zijn, zodat je er niet halverwege achterkomt dat er bijvoorbeeld eigenlijk helemaal geen geld is”, vult Robert Schepers aan. Hij is penningmeester van Dorpsbelangen Onnen. Als er eenmaal draagvlak gevonden is, moet het niet jaren duren voor de plannen uitgevoerd worden. Dat voegt Maartje Peters toe. Zij is algemeen lid van Dorpsbelangen Noordlaren. “Dat werkt frustrerend en demotiveert mensen die zich willen in zetten voor het dorpsbelang”, aldus Maartje Peters. Ben Hoentjen, secretaris van Dorpsbelangen Onnen, vindt het cruciaal dat de overheid de inbreng van de burger echt serieus neemt. “Worden inwoners vanaf het begin bij de planvorming betrokken en kunnen ze meebeslissen bij de keuzes die gemaakt worden, dan levert dat veel draagvlak voor de uitkomst op.” Herman Velvis voegt daaraan het volgende toe: “Als de spelregels vanaf het begin duidelijk zijn en iedereen houdt zich eraan, dan kun je vaart maken en voorkom je bezwaarmakers”.

Kuub-methode

De Kuub-methode is een methodiek waarbij én de burger maximaal aan het roer staat én vaart wordt gemaakt. Geen oeverloze discussies, maar het doorhakken van knopen. In de Kuub-methodiek denken burgers niet alleen mee, maar ze beslissen ook mee en, daar waar dat mogelijk is, doen ze mee als een besluit uitgevoerd wordt. De methode kent negen stappen.

Het begint met een buurt- of dorpsvisie. Als daarna een prioriteit wordt gekozen om uit te werken (soms betreft het een gemeentelijke prioriteit, die niet in de visie staat), stellen burgers en overheid eerst samen een doel vast. Vervolgens bepalen ze de te bewandelen route gedurende het hele project. Daarna komen de financiële en andere randvoorwaarden op tafel te liggen. De volgende stap is het bepalen van het programma van eisen. Dit leidt tot alternatieven, waaruit de burgers een keuze kunnen maken. Hierna volgen de uitwerking en invoering. De laatste stap is de evaluatie. In het hele traject zitten burgers als gelijkwaardige partij aan tafel en wordt maximaal gebruik gemaakt van hun kennis en kunde. De methodiek, samengevat op één A4-tje, is te vinden op www.d66haren.nl.

Plaatselijk Belang Glimmen, Dorpsbelangen Onnen, Dorpsbelangen Noordlaren en Buurtvereniging Ons Belang uit Oosterhaar hopen dat het mogelijk is met alle politieke partijen overeenstemming te bereiken over spelregels. Zij zijn ervan overtuigd dat hierdoor niet alleen het eindresultaat beter is, maar dat ook de burger zich nog meer betrokken voelt bij zijn buurt/dorp. Zo wint de politiek ook aan geloofwaardigheid.

De ‘Kuub-methode’: meedenken, meebeslissen, meedoen (m3)

Stap 1: visie

De eerste stap is het op buurt- of dorpsniveau maken van een heldere en concrete visie. Waar willen we met ons dorp of onze buurt naar toe en hoe gaan we dat voor elkaar krijgen? Burgers en overheid maken deze visie samen, stellen prioriteiten en koppelen er een planning en budget aan. Voorbeelden: Dorpsontwikkelingsplannen van Onnen en Noordlaren.

 

Stap 2: keuze prioriteit en doelstelling

De tweede stap is het maken van een keuze voor een prioriteit. Vaak wordt stap 1 overgeslagen en bepaalt de gemeente dat er ‘iets’ moet gebeuren. Dan is de keuze al gemaakt. In beide gevallen stellen burgers, overheid en eventuele andere betrokkenen een gezamenlijk doel vast.

Voorbeeld: er moet in 2010 een jeugdhonk in het centrum van Haren komen, gerund door jongeren.

Stap 3: route

Alle partijen samen bepalen bij stap drie de te bewandelen route. Wie zitten er in de stuurgroep, hoe communiceren we, wie heeft welke rol? In dit stadium wordt een beroep op iedereen gedaan zich te conformeren aan de uiteindelijke keuze, ook als hij of zij het hier niet mee eens is. De mening van de meerderheid is doorslaggevend.

Voorbeelden: vijf mensen uit de buurt hebben zitting in de stuurgroep, aan de burgers worden drie alternatieven voorgelegd, de keus die de burgers maken is bepalend, per kwartaal wordt een nieuwsbrief uitgebracht, elk half jaar wordt de voortgang in het dorpshuis gepresenteerd.

 

Stap 4: (financiële) randvoorwaarden

Bij stap vier worden de financiële en andere randvoorwaarden duidelijk. Hierdoor is bij een ieder bekend wat wel en wat niet mogelijk is.

Voorbeelden: de CO2-uitstoot moet met minimaal 10% afnemen, minimaal 30% sociale woningbouw, maximaal € 50.000 gemeentelijke bijdrage, moet passen binnen Shared Space-principe.

Stap 5: programma van eisen

Op basis van het doel en de randvoorwaarden wordt bij stap vijf een programma van eisen vastgesteld.

Voorbeelden: bepaald aantal veilige speeltoestellen, soort architectuur, maximale of minimale bouwhoogtes en –volumes.

Stap 6: alternatieven

Als het mogelijk is, bedenken overheid en burgers bij stap zes samen alternatieven waar de burger een keus uit kan maken. Belangrijk is dat dit echte keuzes zijn waar zowel de overheid als de burger achter kan staan.

Voorbeeld: drie alternatieven voor aanpak Rijksstraatweg in Glimmen: 1) rotonde, 2) twee zebrapaden, 3) twee wegversmallingen.

 

Stap 7: keuze

Bij stap zeven maken de burgers een keuze. Als er dan toch bezwaarmakers zijn, gaan overheid en burgers samen proberen de bezwaarmakers alsnog mee te krijgen, waarbij mediation kan worden toegepast als dat niet lukt. De keuze wordt verder uitgewerkt en met de burgers gefinetuned.

Voorbeeld: We kiezen voor de twee zebrapaden, maar willen nog wel uitwerken hoe wordt aangegeven dat er een zebrapad is.

 

Stap 8: invoering

Daar waar mogelijk dragen mensen uit de buurt of het dorp bij om de gemaakte keuze verder uit te werken en in te voeren (stap acht). Ook blijven burgers vinger aan de pols houden. Daarnaast wordt duidelijk en frequent gecommuniceerd over de planning en voortgang.

Voorbeelden: buren nemen een deel van de aanpassing van het gemeentegroen voor hun eigen rekening, ruim van te voren wordt aangegeven wanneer bepaalde werkzaamheden starten.

 

Stap 9: evaluatie

Stap negen is de evaluatie van het project. Is het doel behaald? Bleken de randvoorwaarden te kloppen? Is de afgesproken route gevolgd? Is de buurt tevreden? Heeft dit project geleid tot nieuwe inzichten die nog opgepakt moeten worden?

Voorbeeld: De Dorpsweg in Onnen is goed aangepakt, alleen nu blijkt dat de veiligheid te wensen over laat. Hier moet een oplossing voor bedacht worden.