Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 16 juni 2016

Gemeenteraad kiest voor behoud zelfstandigheid

De gemeenteraad van Haren heeft gisteravond met tien stemmen vóór en zeven tegen besloten de zelfstandige status van Haren te continueren. Door de voorstemmers werd daaraan een forse ombuigingsoperatie gekoppeld.

De bijdrage van D66:

De fractie van D66 maakt u deelgenoot van de lijn die wij volgden bij de voorbereiding van onze besluitvorming over de toekomst van Haren. Laat ik voorop stellen dat we ons bewust  zijn van de grote verantwoordelijkheid die we hebben. Van ons mag een weloverwogen oordeel verwacht worden. Een oordeel gebaseerd op feiten en niet op basis van sentimenten.
Bovenal geldt: Inwoners hebben recht op goed lokaal bestuur, bestuurlijk en financieel. Dat is een visie die wij als D66 kunnen onderschrijven.

Wat moet er vanavond afgewogen worden?

We hebben de uitkomst van  2 sporen en daarbij moeten we beoordelen wat wij het beste vinden voor de inwoners van Haren (brief 15 maart).
Spoor 1. Het rapport ‘Werken aan Haren’ ook bekend als Beterr Haren, vormt de onderbouwing van het besluit dat de raad op 15 december al nam: een zelfstandig Haren. Het is een  antwoord op de door B&A geconstateerde 6 knelpunten in Haren.
Spoor 2, bevat de uitkomsten van het zogenaamde Open Overleg. Het is een verkenning  naar de mogelijke herindeling van Groningen, Ten Boer en Haren. Dit spoor is erop gericht te verkennen of— in het belang van de inwoners van deze gemeenten— gekomen kan worden tot een duurzame en bestuurskrachtige oplossing in regionaal perspectief, die op zoveel mogelijk draagvlak kan rekenen Zo staat er in het rapport. (blz 6 rapport Verkenning gemeentelijke herindeling).

De afweging tussen Beterr Haren en de Verkenning Herindeling wordt ons moeilijk gemaakt, zo niet onmogelijk. Er is gewerkt vanuit twee verschillende invalshoeken.
Beterr Haren is geschreven vanuit het perspectief van inwoners: het bestuur is er voor de inwoners, ook een belangrijk uitgangspunt van D66. De gemeenschap staat centraal.
De Verkenning Herindeling is geheel vanuit bestuurlijk perspectief geschreven: alsof de inwoners er zijn voor het bestuur. Bovendien blijft de informatie onvolledig en vaak onduidelijk: we weten onvoldoende  wat het voor Haren  gaat opleveren of wat het precies gaat kosten, zowel in geld als in immaterieel opzicht. We moeten appels met perenbloesem vergelijken, terwijl we nog niet weten hoe die peren gaan smaken.
Welke toetsingskaders hebben we nu ter beschikking om tot een besluit te komen?

Rijk en Provincie stelden een beoordelingskader op voor herindeling. Dit kader geeft een aantal  criteria, ik noem bijvoorbeeld  draagvlak,  bestuurskracht, evenwichtige regionale verhoudingen en duurzaamheid etc. Alle gemeentelijke herindelingsvoorstellen worden door de Provincie hieraan getoetst.
Maar, hoe gaan we als D66 volksvertegenwoordigers  in  Haren de opties beoordelen?
Daarvoor hebben we ons verkiezingsprogramma waarin staat wat D66 het beste vindt voor de inwoners van Haren. Onze kiezers  kozen ons immers op basis van dit programma. Zij gaven ons hun vertrouwen dat het de leidraad is voor ons handelen.
Uiteindelijk is het natuurlijk niet alleen een partijpolitieke afweging. Burgers willen meer democratie en minder partijpolitiek. Wij hebben allen rekening te houden met een duidelijke boodschap uit de burgerraadpleging van maart 2014.

Spoor 1
Allereerst willen wij van de gelegenheid gebruik maken om alle inwoners, raadsleden, wethouders en de medewerkers uit de organisatie, die hebben meegewerkt aan dit document van harte te bedanken voor hun medewerking. Het was fantastisch wat u allen in heel korte tijd tot stand hebt gebracht en wij zijn zeer onder de indruk van uw constructieve inzet.  Op respectvolle wijze ging ieder van u om met de inbreng van anderen. Dit is een prachtig voorbeeld van de burgerkracht die in Haren volop aanwezig is.

Een speciaal woord van dank voor de projectleider Jan Lunsing: geweldig, wat een inzet en wat een plezierige werkwijze.
En ook een speciaal woord van dank aan de griffier, Onno de Vries die alles op een uitstekende wijze in goede banen leidde.

Het rapport ‘Beterr Haren’ bevat een gedegen toekomst visie met een sterk pleidooi voor meer burgerparticipatie en concrete plannen om dat te realiseren. Het is een  toekomstvisie waarin wij ons goed herkennen, waarin we Haren herkennen, waarin de grote potentie van de Harense samenleving goed is weergegeven. Vanuit de geschiedenis wordt naar de toekomst gekeken en van daar uit wordt verder versterkt en ontwikkelt wat Haren zo bijzonder maakt.  Juist de overzichtelijke schaalgrootte maakt het mogelijk om de ambities te realiseren.
De plannen om samen met de organisatie en het gemeentebestuur de aanwezige burgerkracht in Haren in beter te benutten, omarmen we van harte.  Wij zijn ervan overtuigd dat juist daar de unieke kansen liggen.
Spoor 1 scoort wat de criteria van Rijk en Provincie betreft uitmuntend op lokaal draagvlak, een essentieel criterium in de wet arhi en in het coalitieakkoord van GS. De Provincie stelt: gemeenten zijn primair zelf verantwoordelijk de versterking van hun bestuurskracht en herindeling wordt niet opgelegd indien daar geen draagvlak voor is bij de betrokken gemeenten. M.a.w. draagvlak moet van onder op komen.
Wat betreft die bestuurskracht in relatie tot de taakzwaarte van de gemeente, die  achten wij voldoende. De onderzoekers van B&A constateren dat Haren de wettelijke taken systematisch en naar behoren uitvoert. Dat is een uitstekende basis.
De duurzaamheid zal afhangen van het op orde brengen van de financiën. Daar zijn wij ons goed van bewust en daar kom ik aan het eind van mijn betoog op terug.

Als we spoor 1 leggen naast aan ons verkiezingsprogramma, dan hebben we geen twijfels: daarin is aandacht voor bestuurskracht, maar ook voor de korte lijnen tussen bestuur en gemeenschap, de ruimte voor maatschappelijke initiatieven, een overheid die er voor de inwoners is. We willen een zorgvuldige en terughoudende ruimtelijke ontwikkeling met aandacht voor de versterking van de positie van Haren in de regio Groningen- Assen, vanuit landschappelijk en cultuurhistorisch perspectief. Een financieel gezonde gemeente moet het mogelijk maken de ambities waar te maken. Geld is een middel, geen doel op zich. Niet de bestuurlijke structuren moeten centraal staan, maar de maatschappelijke opgaven en ambities.

En laten we wel wezen: Haren staat er in de meeste opzichten prima voor: een relatief laag gebruik sociale zorg, een prima onderwijsklimaat, zelfredzame burgers , een sterke sociale infrastructuur, de kavels in Haren zijn zeer in trek etc.

Spoor 2
Wanneer wij spoor 2 toetsen aan de criteria van Rijk en Provincie, zien wij een dikke onvoldoende voor draagvlak en dikke voldoendes voor bestuurskracht en duurzaamheid. Het lokale draagvlak komt er wel erg bekaaid af in het rapport. Daarin staat dat het  gemeentebestuur er voor moet zorgen. Maar het gemeentebestuur van Haren weet één ding zeker: er is onvoldoende draagvlak voor deze optie.

Gelegd naast onze uitgangspunten komen we niet erg ver met deze Verkenning. Er zijn geen garanties dat we de waarden die wij koesteren in stand kunnen houden en verder ontwikkelen: de verkenning geeft ons daar geen antwoord op.
Laten we dan kijken naar de meerwaarde die een samenvoeging met Groningen en Ten Boer ons biedt.
De Verkenning Herindeling gaat uit van het perspectief van de grote stad, de vijfde van Nederland, waarin Haren zou kunnen profiteren van belangenbehartiging in Brussel en Den Haag, waarin de burgerkracht vanwege de grote schaal  georganiseerd moet worden via deelgemeenschappen. Maar opschaling naar zo’n grote gemeente draagt niet bij aan de broodnodige versterking van de burgerkracht. Daar zijn voldoende studies naar gedaan: boven de 30.000 inwoners neemt de betrokkenheid van de burgers sterk af. En actueel: gebleken is dat bij opschaling het aantal mensen dat zich wil inzetten als vrijwilliger bij de brandweer drastisch afneemt.

Een begroting van ruim 1 miljard moet garant staat voor flexibiliteit bij tegenvallers en nieuwe taken. We kunnen echter de financiële robuustheid van Groot Groningen niet beoordelen op basis van een stresstest zoals die wel voor Haren is uitgevoerd door Deloitte, maar niet voor Groningen. We missen die belangrijke analyse.
Eigen onderzoek naar financiële kengetallen van de gemeente Groningen geeft ons de informatie dat de solvabiliteit niet beter is dan in Haren, dat ook Groningen een hoge netto schuldquote heeft, die de laatste jaren is toegenomen en dat het weerstandsvermogen behoorlijk onder de norm ligt. Een feitelijk oordeel is niet te geven en een toekomstverwachting over de financiële positie van Groot Groningen ontbreekt.
Bovendien geeft het rapport ons ook geen inzicht in de financiële gevolgen voor de inwoners en ondernemers van Haren. Zeker is dat de OZB tarieven van Groningen veel hoger zijn dan die van Haren, dat de stad belastingen kent die Haren niet heeft: hondenbelasting en precariobelasting bv en het is dus wel zeker dat de inwoners en ondernemers van Haren geconfronteerd zullen worden met veel hogere lasten.

Natuurlijk, wat betreft de bestuurskracht is het evident dat een gemeente van 228.000 inwoners en een gemeentelijke organisatie met 2800 fte meer expertise in huis kan hebben en meer deskundigheid kan inzetten op beleidsvorming.  Dat zou beslist een meerwaarde kunnen zijn voor Haren, maar de vraag is of een dergelijke bestuurskracht noodzakelijk en effectief is voor de taakzwaarte van de gemeente Haren. En de nadelen van een grote organisatie: lange lijnen, bureaucratie en minder directe betrokkenheid van de inwoners.

Het is ook duidelijk dat een grote gemeente toekomstbestendig is in regionaal perspectief. Maar leidt de vorming van Groot Groningen tot evenwichtige regionale verhoudingen, waarbij de strategische agenda van Stad en Ommeland borg staat voor de in Haren zo gewaardeerde positie als sterke schakel tussen Stad en het landschappelijk gebied in de regio Groningen Assen?
En werkt een nog grotere en dominantere stad niet juist verstorend in het evenwicht stad en ommeland?
Het hoofdstuk ‘Stad en Ommeland’ wordt afgesloten met de opmerking dat deze strategische visie verder uitgewerkt moet worden. Zo ook moeten de andere agenda’s  nog worden uitgewerkt:  het voorzieningen niveau, de gemeentelijke dienstverlening, het economisch beleid en de werkwijze in het Sociaal Domein. We weten niet waar het heen gaat.
Het blijft bij intenties, bij kansen en positieve vergezichten zonder problemen.
En niet onbelangrijk: Hoe zit het eigenlijk met de rechtspositie van het  personeel van de gemeente Haren  bij een lichte vorm van samenvoeging, waarvan hier sprake is?

Kortom, de fractie van D66 vindt dat dit rudimentaire rapport niet kan aantonen dat er voldoende meerwaarde voor de inwoners en ondernemers van Haren te behalen is door opschaling.

Tenslotte over de financiën
In het rapport Verkenning Herindeling vinden we een paragraaf over de financiële situatie van Haren. Wat ons bijzonder verbaast is dat de situatie in Haren als zeer zorgelijk wordt beoordeeld en dat Deloitte stelt dat de financiële positie van Haren zich op het randje beweegt. Het is wonderlijk dat de Provincie die jaarlijks in het kader van het Inter Bestuurlijk Toezicht de financiën van de gemeenten toetst, de gemeente Haren nooit op de vingers heeft getikt.
Ook merkwaardig is dat er niet een vergelijkbare paragraaf is over de situatie in Groningen en Ten Boer.

Laat het duidelijk zijn: de analyse van Deloitte geeft ons goed zicht op de ontwikkeling van de financiële situatie in Haren. Prima cijfermateriaal. Het maakt zichtbaar wat er moet gebeuren. We moeten hard aan het werk. De positieve boodschap is dat  er  de laatste jaren sterke verbeteringen zijn te zien. De solvabiliteit is verbeterd, de reservepositie wordt beter, het weerstandsvermogen is op orde en er is sprake van een betere beheersing van de begroting.

Maar: Wij onderkennen de urgentie van een stevige inzet op de financiën in Haren, zodat verder herstel leidt tot een gezonde financiële situatie. We hebben daartoe een plan dat verder gaat dan Beterr Haren en D66 wil zich aan de uitvoering binden. We hebben een motie voorbereid waarin de inzet wordt verwoord. Indien vanavond wordt besloten tot voortzetting van de zelfstandigheid, zullen we bij de voorjaarsnota de uitwerking presenteren.

Tot slot: onlangs heeft de commissie van de Donk, onder voorzitterschap van de commissaris van de Koning van Noord Brabant, een advies uitgebracht aan de VNG over het onderhoud van de lokale democratie : de commissie stelt onder meer:
Gemeenten zijn er juist voor de verschillen en het aanbrengen van de plaatselijke beleidsafweging, voor maatwerk. De verschillen tussen gemeenten moeten hun weerslag krijgen in het bestuur.

Dan zeggen wij: Erken de kracht van verscheidenheid en autonomie en benut dit in de samenwerking binnen de regio. Geef Haren daartoe de ruimte, de tijd en bovenal het vertrouwen.
En zoals iemand onlangs beeldend zei: Denk eraan, van een aquarium kun je vissoep maken, maar van vissoep kun je geen aquarium maken!

De volgende motie werd, eveneens met tien tegen zeven, aangenomen:

Motie financiële onderbouwing keuze zelfstandig Haren 15062016 def

Hierbij hoort de volgende tabel:

Balans Gemeente Haren, met Solva BBV 15062016